Prikangst bij kinderen begint vaak al in de wachtkamer

Voor veel ouders voelt het alsof prikangst plotseling ontstaat. Het ene moment zit je kind rustig naast je, het volgende moment is er paniek, verzet of volledige blokkade. Maar wie goed kijkt, ziet dat prikangst zelden begint bij de prik zelf.

Bij veel kinderen start de spanning al eerder. In de wachtkamer. In het vooruitzicht. In het lichaam.

Juist dat moment vóór de medische handeling wordt vaak onderschat, terwijl het voor het stresssysteem van een kind doorslaggevend is.

Waarom de wachtkamer zo’n grote rol speelt

De wachtkamer is geen neutrale plek voor een kind. Het is een omgeving vol signalen die het lichaam interpreteert als mogelijk bedreigend.

Denk aan:

  • onbekende geluiden
  • medische geuren
  • het gevoel van moeten wachten zonder controle
  • andere gespannen kinderen
  • kinderen die huilend terug komen
  • jouw eigen spanning als ouder of andere volwassenen

Voor een volwassen brein zijn dit details. Voor het lichaam van een kind zijn het prikkels die samen een duidelijke boodschap kunnen afgeven: hier gebeurt iets spannends.

Het stresssysteem hoeft dan nog niet te weten wat er precies gaat gebeuren. Het bereidt zich alvast voor.

Blog wachtkamer img 3

Het lichaam van een kind reageert vóór het denken

Kinderen kunnen vaak nog niet goed onder woorden brengen wat ze voelen. Dat betekent niet dat ze niets ervaren. Integendeel. Hun lichaam reageert vaak sneller en directer dan hun taalvermogen kan bijhouden.

Veelvoorkomende signalen in de wachtkamer zijn:

  • stiller worden of juist drukker gedrag
  • gespannen houding
  • veranderde ademhaling
  • buikpijn of misselijkheid
  • plotselinge behoefte aan nabijheid

Dit zijn geen tekenen dat het “misgaat”, maar dat het lichaam informatie aan het verwerken is.

Waarom dit geen kwestie is van mentale voorbereiding

Ouders krijgen vaak het advies om hun kind “goed voor te bereiden”. Dat lijkt logisch, maar voorbereiding wordt vaak mentaal ingevuld: uitleggen wat er gaat gebeuren, hoe lang het duurt, dat het ‘maar eventjes pijn doet’, en dat het niet gevaarlijk is.

Voor sommige kinderen helpt dit. Voor veel kinderen met prikangst niet.

Het probleem is niet dat ze het niet begrijpen.
Het probleem is dat het lichaam al in een stressreactie zit.

Wanneer het stresssysteem actief is, heeft extra uitleg weinig effect. Soms vergroot het de spanning zelfs, doordat het kind voortdurend aan het moment wordt herinnerd.

De rol van de ouder: niet oplossen, maar reguleren

Wat op deze momenten vaak het meeste impact heeft, is niet wat een ouder zegt, maar hoe een ouder aanwezig is.

Kinderen stemmen hun zenuwstelsel af op dat van hun ouder. Dit gebeurt automatisch. Zonder woorden.

Kinderen zijn bijvoorbeeld gevoelig voor:

  • Subtiele gezichtsuitdrukkingen (ook onbedoelde) 
  • jouw houding: straal je rust of onrust uit?
  • Je ademhaling of spierspanning

Je hoeft niets te fixen. Je hoeft de angst niet weg te nemen.
Je lichaam is al informatie.

Ben je zelf heel erg bang voor naalden? Overweeg dan of iemand anders je kind mee zou kunnen nemen.

Wat helpt wél in de wachtkamer

Ondersteuning bij prikangst zit vaak in kleine, lichamelijke dingen die voorspelbaarheid en rust geven. Het helpt ook om vooraf met je arts of verpleegkundige te bespreken wat je kind nodig heeft. 

Bijvoorbeeld:

  • Ga ergens apart zitten (niet tussen andere bange kinderen)
  • Of waar je kan zien hoe kinderen overstuur uit de behandelruimte komen. Vertel je behandelaar dat je kind angstig is, en geef aan wat hij/zij nodig heeft.
    • Bijvoorbeeld: “Kun je alsjeblieft niet tegen mijn zoon zeggen: Hier komt de prik, die doet even pijn!“
    • of “Mijn zoon wil graag eerst even rustig worden en bij mij op schoot zitten. Kan je alsjeblieft die tijd even nemen?
    • of: “Mijn dochter praat heel graag over dinosaurussen. Kun je aan haar vragen of ze haar knuffel Triceratops wil voorstellen, en eerst de prik voordoen op de knuffel?”

 

Wat je zelf kan doen in de wachtruimte: 

  • Reguleer je eigen emoties. Let op je houding en ademhaling. Neem de tijd, ga niet stressen.
  • Kijk naar wat je kind nodig heeft: Ga samen rustig zitten, of ga iets doen dat het lichaam licht afleidt, zoals tekenen of een boekje lezen
  • Biedt nabijheid zonder druk
  • Positief taalgebruik: Toon begrip, maar probeer positief te blijven.
  • Je mag best erkennen dat de gevoelens van je kind er mogen zijn, maar blijf er niet in hangen.

 

Tip: Neem na de prik ook de tijd om je kind te laten huilen, tot hij/zij zichzelf heeft gekalmeerd.

Het doel is niet om spanning te laten verdwijnen, maar om te voorkomen dat deze verder oploopt.

Wat vaak averechts werkt (zonder dat je het bedoelt)

Veel ouders doen precies wat ze denken dat helpt, maar merken dat de spanning toch toeneemt.

Veelvoorkomende voorbeelden:

  • praten over pijn, of waarschuwen voor een prik, leidt juist tot meer angst en pijn.
  • herhaaldelijk zeggen dat het “meevalt”
  • zeggen dat het maar “even pijn doet”
  • blijven uitleggen hoe het zal gaan
  • aandringen op “even doorzetten”
  • zeggen dat je kind zich “niet zo aan moet stellen”

Deze reacties zijn begrijpelijk, maar leggen de nadruk op controle en prestatie. Terwijl het lichaam juist veiligheid zoekt.

Prikangst is geen los moment, maar een patroon

Wat vaak over het hoofd wordt gezien, is dat prikangst niet alleen het prikmoment zelf is. Het is een terugkerend patroon van verwachting, spanning en herstel.

Als dat patroon niet wordt herkend, kan elke volgende ervaring zwaarder aanvoelen dan de vorige.

Door aandacht te hebben voor:

  • het begin van de spanning
  • de rol van de omgeving
  • de lichamelijke signalen

ontstaat ruimte om het patroon te doorbreken, nog vóórdat het escaleert.

Hoe AINAR hierin ondersteunt

Bij AINAR kijken we niet alleen naar het moment van angst, maar naar wat eraan voorafgaat. Juist de fase waarin het lichaam al reageert, maar het gedrag nog niet zichtbaar is.

Door ouders en kinderen op speelse wijze inzicht te geven in deze lichamelijke processen, ontstaat er meer begrip en minder strijd. Niet door oplossingen op te leggen, maar door je kind zélf te laten ontdekken hoe hij of zij zijn stresssysteem onder controle kan krijgen.

Ondersteuning begint niet bij de prik.
Die begint al in de wachtkamer, en ver daarvoor. 

Tot slot

Prikangst bij kinderen hoeft geen gevecht te zijn. Het is een signaal van een lichaam dat bescherming zoekt in een spannende situatie. Wanneer ouders begrijpen wat er lichamelijk gebeurt, ontstaat ruimte om anders te reageren.

AINAR ondersteunt ouders en kinderen door inzicht te geven in deze lichamelijke stressreacties, juist in de fase waarin spanning begint op te bouwen, vaak al in de wachtkamer. Door die vroege signalen beter te herkennen, wordt begeleiden mogelijk vóórdat het lichaam volledig de controle overneemt.

De focus verschuift daarmee van corrigeren naar ondersteunen.
Van proberen op te lossen naar samen reguleren.

En juist in die verschuiving ligt vaak de grootste verandering.

EMAIL ONS

STUUR ONS EEN MAIL NAAR INFO@AINAR.NL

BEL ONS

BEL ONS OP +31 (0)6 107 058 68

VIND ONS

PLESMANLAAN 125
1066 CX AMSTERDAM

INFO

KVK 83754687
BTW NL862978749B01

© COPYRIGHT AINAR 2020 – 2024